Struinpad  

   

Luchtfoto's  

   

Boek:Oorlogsherinneringen  

   

Schoolfoto's  

   

Boek "oorlogsherinneringen" hoofdstuk 29 De herinneringen van Lambert Voss

Index

Hoofdstuk 29 - Boek "Oorlogsherinneringen"

De herinneringen van Lambert Voss

Door : Lambert Voss

Voordat de oorlog uitbrak waren er in de omgeving waar ik woonde al activiteiten. Op de Zwarteweg tussen ons en de familie Ehren werd de Zwarteweg afgesloten met rioolbuizen die met beton en stukken spoorbielzen gevuld waren en met prikkeldraad. Tussen de Zwarteweg en Bart Janssen was er een smalle doorgang waar je over het land te voet, met de fits of met het paard door kon. Het was een hindernis om bij een eventuele inval van de Duitsers vanuit het Reichswald hun opmars te vertragen. Toen de oorlog in 1940 uitbrak was ik 8 jaar oud. Ons gezin bestond uit mijn vader Grad, mijn moeder Drieka en 4 kinderen, te weten Lambert, Cor, Harrie en Rikie. In de oorlog werd ons gezin nog met broer Piet uitgebreid en na de oorlog met mijn jongste broertje Martien. Verder woonde Hanneke Voss, een zus van Pap, bij ons in. We hadden een keuterijtje, een winkeltje en een eierhandel. Pap was de handelaar, moeder vooral de boerin en Hanneke de ‘caissière’ in de winkel. In de winkel werden cultuurbehoud milsbeek boek oorlogsherinneringen 29 1 Grad Vossvooral levensmiddelen verkocht. De concurrentie was groot in Milsbeek, want ook bij Driekus Janssen (van de Rieke Jan), Piet van den Hoogen, Marie Krebbers, Sjaak Jacobs (de Mölder) en Thei Thijssen werden levensmiddelen verkocht. Daarom werd ook wat aanvulling gezocht met de verkoop van artikelen voor de boeren en huishoudelijke artikelen, maar dat werd dan door anderen weer niet in dank af genomen. De klandizie kwam vooral uit de omgeving van de Zwarteweg, de Onderkant en de St. Jansberg. Ik herinner me, dat voor en in de oorlog het vooral zondags na de kerkdiensten heel erg druk was met de mensen uit die gebieden, die dan ook meteen even de boodschappen deden.

Gezinsfoto van (na de oorlog) voor de winkel aan de Zwarteweg; staand vlnr Cor, Harrie, Rikie, Lambert en Piet en vooraan vader Grad en moeder Drieka met hun jongste zoon Martien


cultuurbehoud milsbeek boek oorlogsherinneringen 29 2 bonkaarten in de oorlog voor een zo eerlijk mogelijke verdDe eieren werden door Pap met de fits opgehaald en voor op de bakfiets werden ze in kistjes, dozen of hortjes vervoerd en naar het magazijn bij Friette Grad (Peeters) gebracht, van waaruit ze naar Jacob Höfke in Duitsland gingen. In de oorlogstijd moest ieder ei gestempeld worden en dat was een hels karwei waar we hele avonden mee bezig waren. Toen er in de distributietijd veel ‘op de bon’ was en de mensen bonnen moesten hebben voor het kopen van b.v. levensmiddelen, was dat ook voor de winkels een heel gedoe. Voor de winkeliers was het ook nog een heleboel extra werk want al die bonnen moesten weer worden opgeplakt om weer inkopen te kunnen doen bij de grossiers in Haps of Venray.

 

Voedselbonnen voor versnaperingen en tabak

Een ander probleem in de oorlog was de vordering van goederen door de Duitsers. Fietsen waren een geliefd object. Pap had zijn fits door zijn handige buurman Jan Janssen, dit was een neef van hem en werd daarom ook wel Jan van Dien Voss genoemd, helemaal uit elkaar laten halen en in onderdelen op de zolder verstopt. Anderen verging het slechter. Zo werd de fits van Joep Krebbers, toen hij van de St. Maartensberg af kwam van het bezorgen van brood, eens een keer voor ons huis in beslag genomen. Joep moest de laatste meters naar huis te voet afleggen en zag zijn fiets niet meer terug. Ook allerlei andere zaken werden door de Duitsers gevorderd, zoals (vracht)auto’s, metalen, een deel van de opbrengst van de boerderijen en later paarden om spullen naar het front te brengen. Ook kregen we zoals veel andere gezinnen inkwartiering van Duitse militairen in ons huis aan de Zwarteweg in Milsbeek. Zij moesten vooral de Duitse stellingen bedienen die in de omgeving stonden. Op 17 september 1944 brak tijdens een kerkdienst een zwaar bombardement uit aan de Duitse bosrand, waarna er parachutisten in Groesbeek landden en er een hevig spervuur ontbrandde. Door pastoor Hoefnagels werd op die zondag de dienst stopgezet, met het verzoek aan iedereen om zo spoedig mogelijk naar huis en naar de eigen schuilkelder terug te keren. Een lijn van lichtflitsen markeerde de horizon. In de hoek Zwarteweg/Langstraat werden de woningen al flink beschadigd. Niet alleen wij, maar ook de buren Janssen en Meeuwssen namen daarna hun intrek in onze grote schuilkelder.cultuurbehoud milsbeek boek oorlogsherinneringen 29 3 Hoek Langstraat Zwarteweg 31-12-1944-4071

 


 
December 1944. Bij de pijl de kruising Zwarteweg/Langstraat/Onderkant.
De omcirkelde woning is de winkel van Grad en Drika Voss

Op school waren er ook bijzondere dingen. Er werden een soort rampenoefeningen gehouden. Als er een keer geklapt werd, moest je voor de schoolbank gaan staan, bij twee keer klappen moest je er onder kruipen en bij drie keer klappen mocht je er weer onder uit. Voor zover ik weet is het bij oefeningen gebleven. Ook herinner ik mij dat we, naar ik meen van het Rode Kruis, een tijdje elke cultuurbehoud milsbeek boek oorlogsherinneringen 29 4 meester Hendrickx  lezenddag sinaasappelen kregen. In het schoolgebouw werden later in de oorlog Duitse jongens in de leeftijd van 15-16 jaar ingekwartierd, waaronder ook een jongen uit Milsbeek. Zij werden klaargestoomd voor de Duitse wacht om daarna vermoedelijk in het oostfront ingezet te worden. Wij hadden een goed contact met deze jongens en speelden er, hoe gek het misschien nu ook klinkt, o.a. soldaatje mee. Ik zag een keer dat een van de jongens een briefje van zijn moeder kreeg met daarbij een truitje dat zij voor hem gebreid had. In september 1944 arriveerde bij de woning van de familie van Schaijck (de Ciskes), een grote Duitse militaire vrachtwagen tot de nok toe geladen met munitie. Deze zocht een schuilplaats onder het dikke bladerendak van een eikenboom, voor dat huis. Navraag wat hier de bedoeling van was, leverde niets op. Meester Hendrickx die hier tegenover op de hoek van de Pastoor Hoefnagelstraat woonde, vertrouwde de zaak niet en ging zelf op onderzoek uit, maar kwam ook niet verder. Wat hij wel gezien had, waren de grote en diepe bandensporen die deze munitiewagen achtergelaten had. Om herkenning vanuit de lucht van deze sporen onmogelijk te maken, harkte hij deze sporen weg. Je moet er niet aan denken dat deze wagen vanuit de lucht tot ontploffing zou zijn gebracht want dan zou de hele buurt weggevaagd zijn. Een dag later vertrok deze wagen weer met onbekende bestemming.

Het hoofd van de school, meester Hendrickx

Na enige tijd van rust en vrij bewegingsverkeer, was het weer raak met een nieuw bombardement van granaten die vanuit de richting Cuijk werden afgevuurd. Het doel zal ongetwijfeld de stellingen met afweergeschut en kanonnen zijn geweest. Er werd bij ons de schuilkelder in gevlucht. Mijn moeder zat al in de kelder en ik weet nog dat ik mijn broertje Piet uit de kinderwagen heb gegrepen en in de schuilkelder in veiligheid heb gebracht. Van ons gezin liep alleen mijn broer Cor verwondingen op met een glasscherf maar gelukkig was dat niet levensbedreigend. Vijf van onze dorpsgenoten werd dit bombardement wel noodlottig. Zij moesten dit met de dood bekopen. Dat waren buurman Jan Janssen, zijn zonen Lambert en Mathijs, mijn buurmeisje Tiny Derks en Mia Derksen van het Heiveld. Deze 23e september 1944 was een hele zwarte dag voor Milsbeek. Later zijn ze in begraven onder levensgevaarlijke omstandigheden in een graf op het kerkhof. Herhaaldelijk moest men plat op de grond gaan liggen vanwege de beschietingen die plaatsvonden. Omdat het een grote puinhoop was en het niet meer veilig en houdbaar was in de eigen woning en schuilkelder te blijven, evacueerden ons gezin en de buren al vooraf naar Ven-Zelderheide, waar we bij Pèt Voss, een broer van mijn vader, onderdak kregen.

Maar ook hier was het al snel niet meer veilig. Vanuit Ven-Zelderheide begon in oktober 1944 de grote evacuatie. Met paard en wagen, op de fits en te voet, per kruiwagen en alles wat maar bewegen kon, ging het richting Goch en allerlei andere plaatsen, om zo uiteindelijk weer voet op Nederlandse bodem te zetten, richting Utrecht. Gescheurde repen van witte lakens boden veiligheid onderweg. Na een vermoeiende en gespannen reis arriveerden we in het gehucht Ter Aar (bij Breukelen) bij de familie De Geer. De familie Meeuwssen, in Milsbeek buurtgenoten, was daar ook. Ruim een half jaar hebben we hier moeten blijven. Toen we in mei 1945 weer terugkeerden naar Milsbeek, troffen we een enorme ravage aan. Veel woningen waren volledig vernield en anderen gedeeltelijk.

Ook van de inboedel was weinig meer over, Ze was gestolen of verbrand. Ik herinner me dat vlak voor de kerk in Milsbeek enkele drie-tonners stonden, waar militairen in speciale zwarte kleding met mondkapjes en handschoenen, de gesneuvelde militairen identificeerden via de herkenningsplaatjes die deze bij zich hadden en dat ze daarna werden begraven op de militaire begraafplaats achter de kerk. Via de H.A.R.K. hebben we na thuiskomst ook hulp ontvangen, om in de eerste levensbehoeften te voorzien, zoals zeep om ons te wassen en dekens. Ik heb nog een vrachtwagen met schoppen en rieken voor de boeren helpen lossen. Dit werd in de kerk opgeslagen en ook in de school was een opslag van te verdelen goederen. Een verzoek van mijn moeder om een bed te krijgen werd afgewezen zo werd ons door Liza de huishoudster van Pastoor Reintjes meegedeeld. cultuurbehoud milsbeek boek oorlogsherinneringen 29 5 Oorlogschade woning familie VossMaar de reactie van mijn moeder was blijkbaar zodanig geweest dat ze er later toch nog een kon krijgen. Zij wilde het toen vervolgens niet meer accepteren. Er was veel kritiek op de HARK en op pastoor Reintjes, die in Milsbeek de leiding daarvan had. Maar voor velen was het toch een welkome eerste handreiking, vooral voor de dorpsgenoten die geheel berooid terug kwamen van de evacuatie.

 

 

 

De schade aan het achterhuis van de familie Voss na de oorlog

cultuurbehoud milsbeek boek oorlogsherinneringen 29 6 Spotprent HARK met pastoor Reinjes

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Spotprent van Jan Koenen, die ‘de ijzeren vuist’ waarmee Pastoor Reintjes regeerde en de ontevredenheid van de mensen weergeeft

 

‘In de naoorlogse periode nam de winkel van Voss in betekenis af voor ons dorp, vooral nadat Hanneke Voss in de jaren vijftig naar Gennep verhuisde. Na het overlijden van Grad werd halverwege de zestiger jaren het winkeltje definitief gesloten. Lambert zelf woont sedert 1990 in Heijen.’

   
Excursie stichting cultuurbehoudmilsbeek 6 en 13 o...04 nov 2018

58 personen hadden zich aangemeld voor de jaarlijkse excursie voor vrienden, vriendinnen, vrijwilligers en hun partner/introducé. Omdat we niet allen tegelijk [ ... ]

Lees meer...
Boek "oorlogsherinneringen" hoofdstuk 44 Het Engel...24 okt 2018

 Index
Hoofdstuk 44 - Boek "Oorlogsherinneringen" Het Engelse kerkhof(War Cemetery) in Milsbeek Door : Gerrie Franken De Britse begraafplaats in [ ... ]

Lees meer...
Heropening Struinpad gedeelte Gebrandekamp28 juni 2018Heropening Struinpad gedeelte Gebrandekamp

Struinpad weer open

Het struinpad op de Gebrande Kamp is gedurende langere tijd afgesloten geweest. Door werkzaamheden van Rijkswaterstaat moest de route [ ... ]

Lees meer...
Beleidsplan04 apr 2018

Beleidsplan 2018 Algemeen / Visie:
De stichting vindt cultuurbehoud belangrijk voor de identiteit van de gemeenschap en haar vrienden, vriendinnen en vrijwilligers. [ ... ]

Lees meer...
Jaarverslag04 apr 2018

JAARVERSLAG 2017 Algemeen
In 2017 bestond het bestuur uit:
Ton Frenken: voorzitter, Toos de Gier-Arends: secretaris, Willeke de Haas-Theunissen: penningmeester.
Bestuursleden:
Nelly [ ... ]

Lees meer...
Andere artikelen
   
© Powered & Hosting by : YonVie.nl