map link oudebaan de kuut en henneke

Tegenover het Wevershuis woonden in het begin van deze eeuw 3 gezinnen. Het waren de gezinnen van Pietjes Tinus (Tinus Linders), Jan de Kuut (Theunissen) en Henneke (Rutten). Gedrieën hadden ze een waterput en een bakoven. De 3 keuterijtjes moeten een generatie daarvoor uit één boerderij zijn voortgekomen, want ook daar waar de keuterijtjes hun akkers hadden (aan de overzijde van de Rijksweg en de overzijde van de Oudebaan) lagen ze gedrieën naast elkaar.

Het huisje waar Pietjes Tinus woonde moet het stamhuis zijn geweest. Hier woonde in de vorige eeuw Pietje Lamers en alle bewoners van het huis werden nadien als "Pietjes " aangeduid.

Pietjes Tinus was een van de Milsbekers wiens keuterijtje zo klein was dat ze in de zomerdag zoveel mogelijk moesten "daglonen". Men trok daarvoor veel naar "'t Leegh" (bij Emmerich) en "'t Hoogh" (bij Goch). In 't Leegh maaide men het gras en in 't Hoogh het graan. Men kwam soms wekenlang niet thuis.

Jan de Kuut en Henneke woonden in een dubbel woonhuis met een gezamenlijke stal. Jan Koenen heeft dit karakteristieke huisje getekend. De twee voordeuren getuigen ervan, dat het huisje meteen als dubbelwoonhuis is gebouwd.

Links woonde Jan de Kuut en in de vorige eeuw zijn vader Bertus de Kuut. Alle "Kuuten" in Milsbeek komen hier vandaan. De oorsprong van de bijnaam is niet met zekerheid bekend. Er wordt wel beweerd dat de oorzaak in de dunne "kuten" (kuiten) moet hebben gelegen.

Rechts woonde Henneke. Hij moet uit de Zelderhei zijn gekomen en was getrouwd met Han Lamers. De ongehuwde zoon Hennekes Piet bleef later in het ouderlijk huis wonen.

Piet was in zijn jonge tijd met Tön de Kuut lid van de (wiel) rennerclub. In Duitsland deed men aan wedstrijden mee. Piet had de meeste ambitie en de beste sprint. Tön was de meesterknecht. Piet moet dan ook altijd bij Tön angeklopt hebben met de vraag: "Zulle we renne?".

Ook een vrijgezel genaamd Boela (werkelijke naam niet bekend) moet hier lang gewoond hebben. Hij kon goed "pruuve en zwetse". Ook in het spel "Ketsen" dat in deze buurt werd gespeeld moet hij een meester zijn geweest. Als hij weer gewonnen had zei hij altijd op zijn Duits "Boela hat die zwanzig und aus ist das Spiel".

De drie woningen zijn door het oorlogsgeweld vernield.

   
© Stichting CultuurBehoud Milsbeek - http://www.cultuurbehoudmilsbeek.nl